Personaliseren vanuit opvolgacties
Vanuit opvolgacties kun je nieuwe mailings opstarten,
waarbij je naar aanleiding van een actie op je website of in een eerdere mailing
automatisch opvolgmails kunt sturen. Indien je dit soort opvolgacties maakt, dan
kun je de {$event} variabele gebruiken om informatie te achterhalen over de
oorspronkelijke oorzaak van de opvolgactie.
Bijvoorbeeld: als je een opvolgactie maakt waarbij je naar aanleiding van een klik in
een mail of op je website een opvolgmail stuurt, dan bevat de {$event} variabele
informatie over welke link precies was aangeklikt, en door wie dat gebeurde.
Algemene gegevens
Omdat een opvolgactie door veel zaken kan worden geactiveerd, is de informatie die in de {$event} variabele staat niet altijd hetzelfde. Een opvolgactie die door een bounce wordt veroorzaakt bevat andere informatie dan een opvolgactie afkomstig van een klik of een afmelding. Toch zijn er wat gegevens die bijna altijd beschikbaar zijn:
- {$event.timestamp}: het tijdstip waarop de opvolgactie is geactiveerd.
- {$event.type}: het type van de trigger, zoals pageview, klik of open.
- {$event.source}: plek waar de trigger is geactiveerd, bijvoorbeeld de REST API or mailserver.
- {$event.trigger}: als de ene opvolgactie ook weer een opvolgactie triggert, dan kan een ketting van triggers ontstaan.
- {$event.attributes}: optionele aanvullende attributen indien je een event of trigger via de REST API hebt ingevoerd.
De "timestamp" eigenschap is een speciaal soort variabele met ook weer sub-eigenschappen zoals {$event.timestamp.time} en {$event.timestamp.timestamp}.
De velden van {$event.type} en {$event.source} komen overeen met de waardes
die ook beschikbaar zijn binnen opvolgacties zelf. Binnen de documentatie van de opvolgacties
vind je een nadere uitleg van de mogelijke waardes.
Korte schrijfwijze en volgorde
Alle {$event.X} variabelen kun je ook direct als {$X} gebruiken, zonder
de event. ervoor. Zo is {$timestamp} hetzelfde als {$event.timestamp},
en {$profile} hetzelfde als {$event.profile}. Ook de velden van het
profiel of subprofiel dat de opvolgactie heeft veroorzaakt kun je direct
gebruiken. {$voornaam} is in dat geval hetzelfde als {$profile.voornaam}.
Als meerdere variabelen dezelfde naam hebben, dan hebben de top-level variabelen
voorrang. De variabele {$event} verwijst dus altijd naar het event, en {$profile}
altijd naar het profiel, zelfs als er ook een veld "event" of "profile" in de database
aanwezig is. De lange notatie van variabelen heeft daarom de voorkeur, omdat je
daarmee conflicten voortkomt. Een profielveld met de naam profile is daardoor
niet bereikbaar als {$profile}, maar wel als {$profile.profile}.
Profielgegevens
Het profiel of subprofiel dat de opvolgactie heeft veroorzaakt is beschikbaar via de volgende variabelen:
- {$event.profile}: het profiel dat de opvolgactie veroorzaakte.
- {$event.subprofile}: het subprofiel dat de opvolgactie veroorzaakte.
- {$event.destination}: alias voor {$event.profile} of {$event.subprofile}.
Deze variabelen zijn aliasen voor de {$profile} en {$subprofile} variabelen.
{$profile.voornaam} is daarom altijd hetzelfde als {$event.profile.voornaam}.
Sommige opvolgacties bevatten blokken die het actieve profiel aanpassen,
bijvoorbeeld door een nieuw profiel aan te maken of een ander profiel op te
zoeken. In dat geval verwijst {$event.profile} vanaf dat moment naar het
nieuwe profiel, en niet meer naar het profiel dat de opvolgactie oorspronkelijk
veroorzaakte. Wil je het oorspronkelijke profiel gebruiken, gebruik dan
{$original.profile}.
Selectie-/miniselectiegegevens
Sommige opvolgacties worden geactiveerd doordat een profiel of subprofiel wordt
opgenomen in of uitgesloten uit een bepaalde selectie of miniselectie. In dat
geval bevat de {$event} variabele ook informatie over de selectie of
miniselectie waarop de opvolgactie gebaseerd is.
Beschikbare variabelen:
- {$event.view.id}: de ID van de selectie
- {$event.view.name}: de naam van de selectie
- {$event.view.profiles}: een array met alle profielen in de selectie op het moment van de opvolgactie
- {$event.miniview.id}: de ID van de miniselectie
- {$event.miniview.name}: de naam van de miniselectie
- {$event.miniview.subprofiles}: een array met alle subprofielen in de miniselectie op het moment van de opvolgactie
Website trackers
Als de opvolgactie is veroorzaakt door een event van een website tracker (zoals een paginaweergave op je website), dan zijn de volgende variabelen beschikbaar die verwijzen naar de website tracker die het event heeft gedetecteerd, en de opvolgactie heeft opgestart.
- {$event.webtracker.id}: De numerieke identifier van de website tracker.
- {$event.webtracker.name}: De naam van de website tracker.
Webformuliergegevens
Als de opvolgactie is veroorzaakt doordat een bezoeker een webformulier op je
website heeft ingevuld, dan bevat de {$event} variabele aanvullende informatie
over het formulier en de ingevulde waardes.
- {$event.form.id}: de ID van het webformulier.
- {$event.form.name}: de naam van het webformulier.
- {$event.fields.VELDNAAM}: de waarde die de bezoeker in het veld VELDNAAM heeft ingevuld.